Polletje: ‘enthousiast’

(In de laatste antwoordmogelijkheid staat een storende tikfout: ‘sj als de beginklank van ‘gêne” moet zijn ‘zj als de beginklank van ‘gêne”.)

Advertenties
Geplaatst in Nederlandse taal | Tags: , | Een reactie plaatsen

De bouw van Babel

Babel1‘Wat ben je stil, Gaston. Is er wat?’
‘Nee, niks. Waarom zou er wat zijn?’
‘Nou ja, je twittert minder, je facebookt minder en je blogt ook al een poosje bijna niet.’
‘O zo. Klopt ja. En ik sport ook minder, helaas. Te druk.’
‘Waarmee?’
‘Mijn nieuwe boek.’
‘Maar je nieuwe boek is toch net uit?’
Lingua, bedoel je? Ja, begin november. Maar oktober dit jaar moet Babel uitkomen, in ieder geval in het Engels, misschien ook al in het Nederlands.’
‘Babel?’
‘Ja. Een soort Lingua, maar toch ook heel anders. Over de twintig grootste talen in de wereld. Grootste als in: meestgesproken.’ Lees verder

Geplaatst in boeken e.d. | Tags: | 3 reacties

Lingua loopt

videostillHoe gaat het met je boek? vragen mensen. Dat vind ik leuk, zeker nu ik naar waarheid kan antwoorden: goed.

Omdat het nieuwe boek voor een deel gebaseerd is op het oude Taaltoerisme, was ik een beetje bezorgd dat media het links zouden laten liggen. Gelukkig doen ze dat niet. Da’s ook wel terecht, want meer dan de helft van de tekst is wel degelijk gloednieuw – je zou kunnen zeggen dat Lingua een soort Taaltoerisme plus ‘Taaltoerisme 2’ in één band is. Maar ja, er komen voortdurend zo veel boeken uit dat je om het minste of geringste terzijde gelegd kunt worden.

Een paar reacties dan:

  • De ‘(historische) taalweetjes werken heel verslavend’ – Margot Poll in NRC.
  • ‘Stof tot nadenken genoeg, maar Lingua is ook gewoon een heerlijk struinboek’– Liesbeth Koenen in de Telegraaf.
  • ‘Onderhoudende beschouwingen’ – Erik van den Berg in de Volkskrant.
  • ‘Een feestelijk boek’; de ‘anekdoten brengen [Dorren] op een speelse manier snel bij de specifieke kern’ – Marcel Grauls in Het Belang van Limburg.
  • ‘Een heerlijk boek dat je in één teug uitleest’ – Naomi Jansen in KIJK. ★★★★
  • ‘Niet alleen een aanrader voor taalliefhebbers’; ‘slaagt erin om over elke taal een interessant verhaal te vertellen’ – Quest.
  • ‘Een fijn boek om (…) alvast te dromen over je volgende Europese vakantiebestemming’ – Erica Renckens op Kennislink.nl.

Lees verder

Geplaatst in boeken e.d. | Tags: | 2 reacties

Van Goff en De Sjtiel

vGCBBuitenlandse familienamen zijn vaak moeilijk uit te spreken (zie hoofdstuk 25 van Lingua), en dat geldt dus ook voor Nederlandse namen wanneer die elders opduiken. Neem Van Gogh: wat moet een Engelstalige daarmee? Er zijn twee mogelijkheden, vind ik. Eén: de g op zijn Engels uitspreken, zodat het rijmt op dog. Twee: de g op zijn Schots uitspreken, zodat het rijmt op loch. Dat ligt minder voor de hand, want de meeste Engelstaligen gebruiken die klank eigenlijk nooit. Bovendien, je kunt niet van mensen verwachten dat ze de uitspraak van allerlei buitenlandse talen bestuderen voor ze iets over kunst zeggen.

Maar er zijn gevallen waarin je dat wel mag verwachten. Lees verder

Geplaatst in Nederlandse taal, vreemde talen | Tags: , , , | 6 reacties

Wanneer wanneer?

waarneerEerder deze week twitterde ik:

Het voegwoord ‘als’ kan betekenen ‘op het moment dat’ (tijd; Engels when) of ‘in het geval dat’ (voorwaarde, Engels if). Hoe zit dat in jouw Nederlands met ‘wanneer’, bijv. in “ik ga douchen wanneer jij gaat lezen”? Duidt ‘wanneer’ n tijdstip aan of kan t ook n voorwaarde zijn?
kan beide, maakt niet uit
meer t tijdstip
uitsluitend n tijdstip

Ik stelde de vraag omdat ik in mijn rol als eindredacteur wanneer vaak in als verander als het een voorwaarde inluidt. Maar heb ik daar eigenlijk wel een steekhoudende reden voor? Ik zou er mijn hand niet voor in het vuur durven steken dat wanneer in zo’n geval in strijd is met de regels van de standaardtaal. Maar lelijk vind ik het wel, en hoe duidelijker de bijzin een voorwaarde stelt, des te lelijker. ‘We kunnen gaan fietsen wanneer het vanmiddag droog is’: alla – er komt vast wel een droog moment, en dán gaan we fietsen. ‘We gaan alléén fietsen wanneer het om 2 uur toevallig net droog is’: bah! Lees verder

Geplaatst in Nederlandse taal | Tags: , , , | 9 reacties

Nu in Van Dale: ‘een meisje die’

stadhuisstraatTon den Boon, hoofdredacteur van de Dikke van Dale, heeft zijn taalcolumns uit Trouw gebundeld onder de titel Dat gaat ’m niet worden. Ik stuitte daarin op een opmerkelijk zinnetje.

Maar eerst iets anders. Als het over vermeende taalverloedering gaat wordt, naast de klassieker ‘hun hebben’, vaak de constructie ‘een meisje die’ genoemd. Daarin wordt een het-woord gevolgd door een betrekkelijk voornaamwoord dat daar volgens de standaardgrammatica niet bij past.

Nu is meisje natuurlijk wel een raar het-woord, want voor personen gebruiken we bijna alleen maar de-woorden: de vriend(in), de zanger(es). Maar er zijn een paar uitzonderingen, zoals wijf, afdelingshoofd en fotomodel, en bovendien alle verkleinwoorden, zoals vriendje, zangeresje en ook meisje. Die het-woorden behoren het betrekkelijk voornaamwoord dat te krijgen; die is foei. Dat was zo, dat is zo en dat zal beslist niet zo blijven, maar nu nog even wel.

Voordat ik terugga naar de bundel van Den Boon, nog iets anders: het betrekkelijk voornaamwoord wier heeft het moeilijk. Ooit stond dat achter vrouwelijke en meervoudige woorden (‘de vrouw, wier auto…’; ‘de vrouwen, wier betoog…’). Inmiddels wordt het steeds meer verdrongen door wiens, dat oorspronkelijk alleen bij mannelijke en onzijdige woorden hoorde. Als correct gold en geldt ‘de man, wiens stropdas…, ‘het hof, wiens besluit…’ en natuurlijk ook, gezien het bovenstaande, ‘het meisje, wiens kapsel…’. Incorrect was voorheen: ‘de zangeres(sen), wiens begeleidingsband…’, Maar inmiddels staat ook daar meestal wiens, en daar lijken nog maar weinig mensen over te vallen. (Ik ook niet, al vind ik de keuze lastig wanneer ik schrijf.)

Nu dan eindelijk terug naar Den Boon. Want wat lees ik daar op bladzijde 25? ‘… een ouder fotomodel, wier grijze kapsel…’.

Dat is feest, zeg! Hij koppelt hier dus wier, het ietwat ouderwetse, maar zeker in schrijftaal nog wel gebezigde vrouwelijke betrekkelijk voornaamwoord, aan een onzijdig zelfstandig naamwoord. We hebben hier derhalve te maken met net zo’n geval als ‘een meisje, die’, maar dan wel met een uitgesproken deftig voornaamwoord. Dientengevolge is het niet zozeer een geval als ‘meisje, die’, maar eerder ‘meisje, dewelke’. Nog mooier!

Kortom, straattaal ontmoet stadhuistaal, in een uitgave van Van Dale. Hoe magnifiek is dat?

***

Naschrift: Nee, het zit toch anders. Rutger Kiezebrink, taaladviseur bij Onze Taal, verwijst me naar de Algemene Nederlandse Spraakkunst, waar tot mijn verrassing dit staat:  ‘Wiens wordt vooral in geschreven taal gebruikt en dan alleen wanneer het antecedent een mannelijke persoon (mijn cursivering, gd) noemt of ernaar verwijst.’

Weliswaar denk ik dat daar wel een heel klein beetje op valt af te dingen (‘het hof, wiens beslissingen…’ lijkt me prima, of zeg ik dat onder invloed van het Engelse whose?), maar uit de ANS-formulering is af te leiden dat bij een vrouwelijke persoon het voornaamwoord wier meer voor de hand ligt. Er staat niet expliciet bij dat dat ook bij grammaticaal onzijdige woorden als meisje en model geldt, maar een ‘persoon’ is geen ‘woord’, dus de schrijver lijkt dat wel zo te bedoelen.

Kortom: Den Boons formulering is dan misschien een tikje ouderwetsig, maar niet in strijd met de klassieke grammatica.

Geplaatst in boeken e.d., Nederlandse taal | Tags: , , , | 6 reacties

Drie grote nieuwzen (met plaatjes)

Mijn Facebooklezers en -kijkers weten het al, maar laat ik het vooral ook van de daken bloggen:

Eén – Lingua is uit! Ik heb over mijn nieuwe boek al eerder geblogd en ik ben er ook al over geïnterviewd. Verdere media-aandacht zit eraan te komen. Overal te koop!

Lees verder

Geplaatst in boeken e.d. | Tags: , , | 4 reacties