Van broersdochters en plasticvaders

Het onderstaande heb ik gisteren getwitterd vanaf mijn account
@europesetalen. Ik plaats dit soort serietjes van twaalf regelmatig, en reproduceer ze dan letterlijk hier op mijn blog.

1. Onze taal mist woorden voor sommige familiebanden: ‘oom van moederskant’, ‘broers en zussen’, ‘oudere zus’. Andere talen hebben die wel.

2. Broers & zussen zijn siblings (Eng.), Geschwister (Du.), syskon (Zw.). Turks & Spaans gebruiken hiervoor ‘broers’ (kardeşler, hermanos).

3. Spaans doet dit consequent (Port. ook). Tíos: ‘ooms’ maar ook ‘oom en tante’, enz. Pools doet t met dziadkowie: ‘grootouders’ & ‘opa’s’.

4. Het Zweeds heeft n Ikea-achtig zelfbouwsysteem. Oom: morbror (moedersbroer), farbror. Oma: farmor, mormor. Brorsdotter, systerson, enz.

5. In het Turks is abla ‘oudere dochter’, ağabey ‘oudere zoon’. In het Hongaars bátya ‘oudere broer’, öcs ‘jongere broer’.

6. Het Franse belle-fille betekent niet alleen ‘schoondochter’ (t Nlse woord komt trouwens uit t Frans), maar ook ‘stiefdochter’.

7. Jonge Zweedstalige Finnen vervangen t voorvoegsel styv ‘stief’ door plast ‘plastic’: niet biologisch immers, maar kunstmatig aangebracht.

8. Het Bulgaars onderscheidt ooms van vaderskant (čičo) en van moederkant (vujčo). Trouwens, ook Fins, Turks, Roemeens en andere doen dit.

9. Én het Oudengels: alleen de oom van moederskant heette ‘eam’. Zou dat voor ons ‘oom’ dan ook gegolden hebben? Ik kan dat nergens vinden.

10. Neef en nicht hebben in onze taal 2 betekenissen. Nee, dan het Turks. Dat heeft juist 4 woorden voor volle neef en 4 voor volle nicht.

11. Amcaoğlu, amcakızı, teyzeoğlu, teyzekızı, halaoğlu, halakızı, dayıoğlu, dayıkızı: ‘zoon/dochter van broer/zus van vader/moeder’.

12. Vragen, opmerkingen, aanvullingen? Ik hoor ze graag. (Elders in de wereld zijn ‘familiewoordsystemen’ veel bonter. Maar ik doe Europa!)


Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in tweetblogs, vreemde talen en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

17 reacties op Van broersdochters en plasticvaders

  1. Rutget zegt:

    telgen?

    Like

  2. Kiat zegt:

    Het Maleis heeft een woord voor ‘wederzijdse schoonouders’: besan [‘be-san]. De ouders van je schoonzoon of schoondochter zijn je besan. Kan ook vervoegd worden: kami berbesan = wij hebben kinderen die met elkaar getrouwd zijn. Of het wordt gebruikt als bepaling bij een andere verwantschapsterm. Ipar is schoonzus of zwager. Ipar besan is de broer (of zus) van je zwager of schoonzus. Wij zouden het kunnen omschrijven als schoonzusterbroer, schoonzusterzus of zwagerbroer, zwagerzus.
    De grondbetekenis van besan is dus wat wij aangeven met ‘van de koude kant’.
    Bemerk dat er geen impliciete verwijzing is naar het geslacht. Daarvoor moet je laki2 (m) of perempuan (v) toevoegen. Je besan laki2 is dus de vader van je schoonzoon of schoondochter.
    Ook het Portugees (en ik vermoed ook andere Romaanse talen) hebben een systeem om deze verwantschapsgraden aan te geven. Het geslacht is wel impliciet en wordt aangegeven door de uitgang: a (v) – o (m)
    Consogro (m) en consogra (v) = besan laki2 en besan perempuan = ‘medeschoonvader/moeder’. Concunhado en concunhada = ipar besan laki2 en ipar besan perempuan.
    Het Hokkien-Chinees (taal van de meeste peranakan-Chinezen) heeft een nòg uitgebreider systeem. Elke term impliceert 1) geslacht 2) verwantschapsgraad en 3) rangorde in het gezin. Het heeft dus aparte woorden voor: Oudste oom van moederskant, tweede-oudste oom van moederskant etc, oudste tante van moederskant, tweede-oudste tante van moederskant etc., oudste oom van vaderskant etc. etc. Of dat ook geldt voor de andere Chinese talen weet ik niet.

    Like

  3. Toon van Wolferen zegt:

    Leuk hoor, leuke dingen in andere talen. Alleen jammer dat de native speakers van die talen de lol er niet van kunnen inzien: voor hen is het gewoon!!

    Like

  4. Gerben Vos zegt:

    “Sibbeling” schijnt in het verleden wel gebruikt te zijn.

    Like

  5. Tim Smit zegt:

    Nog leuker zijn wellicht de aparte woorden voor schoondochters/moeders etc.
    Schoonmoeder = suocera en de-vader: suocero.
    Maar de -dochter wordt “nuora” terwijl de -zoon “genero” is.

    Daarnaast is er een erg makkelijk systeem voor overgrootouders.
    Opa = nonno (waarbij overigens de toevoeging “materno” of “paterno” toegevoegd kan worden om de kant van de familie aan te geven) terwijl overgrootopa “bisnonno” is. Dus eigenlijk “twee keer opa”.
    Inplaats van bisnonno kan je ook “bisavolo” gebruiken, en vandaar eventueel verder tellen: trisavolo, quadrisavolo… al komt dat uiteraard niet heel vaak voor.

    Like

  6. Tim Smit zegt:

    Ook het Italiaans maakt onderscheid tussen neven, nichten en anderen. cugino/cugina voor volle neef of nicht, terwijl de rest (kleinkinderen incluis) op de grote hoop van “nipoti” worden gegooid. Waarbij de kleinkinderen dan vaak ook nog met een verkleinwoord worden verduidelijkt: “nipotino/nipotina”.

    Like

  7. Jet zegt:

    In de lijn beppe/pakesizzer (waarvan ik het nut idd. ook niet helemaal vat) ken ik nog wel oomzegger/tantezegger. Die hebben wel nut, nl. bij neef en nicht onderscheid kunnen maken tussen ‘kind van je zus/broer’ (Engels niece/nephew) of ‘kind van de zus/broer van je vader/moeder’ (Engels cousin). Het Frans maakt ook dat onderscheid (nièce, cousine).

    Wb. Brabant/Zuid-Nederland: daar werd (naar mijn moeder vertelde (afkomstig uit Tilburg, misschien is het ook wel tot die stad beperkt…) ook wel onderscheid gemaakt tussen schoonbroer en zwager. Een schoonbroer is dan de man van je zus, een zwager de broer van je echtgeno(o)t(e). Onderscheid tussen warme en kouwe kant dus.
    Op Google vond ik echter geen bronnen die dit onderscheid bevestigen. En een vrouwelijke variant van zwager bestond dan weer niet…
    Vraag die naar aanleiding hiervan bij me opkwam: de man van de zus van je echtgenoot is ook een zwager toch (en de vrouw van de broer van je echtgenoot een schoonzus)?

    Like

    • ongast zegt:

      Dat verschil tussen zwager en schoonbroer heb ik nooit gehoord. Dat Google het ook niet kent, is verontrustender…
      Voor de grap noem ik de vrouw van de broer van mijn vrouw wel eens ‘mijn achterschoonzus’, maar ik meen inderdaad dat zo iemand gewoon ‘schoonzus’ heet, met ‘zwager’ als mannelijke variant. Aangetrouwde schoonzus, als je de kou van de kant wilt benadrukken.

      Like

  8. Linda zegt:

    In het Zweeds is ‘kind’ ‘barn’, ‘kleinkinderen’ zijn ‘barnbarn’. Geweldig.

    Like

    • ongast zegt:

      Er bestaat natuurlijk ook een Nederlands woord ‘kindskinderen’, maar ik weet niet of dat strikt ‘kleinkinderen’ zijn, of alle verdere nageslacht, inclusief achterkleinkinderen enzovoort. In ieder geval is het geen gangbaar woord, maar eerder een tikje literair.

      Like

  9. Bea zegt:

    In het Zuid Nederlands of Belgisch Nederlands kennen we ook de woorden bomma en bompa voor oma en opa, en kozijn en neef. Onze Nederlandse taal bestaat uit Noord Nederlands en Zuid Nederlands. Dus er zijn meer woorden dan enkel de Noord Nederlandse. De Zuid-Nederlandse woorden verrijken onze Nederlandse taal.

    Like

    • ongast zegt:

      Ik kende bompa en bomma alleen als Maastrichts dialect. Dat ze ook in België worden gebruikt, is nieuw voor me. ‘Kozijn’ ken ik in deze betekenis helemaal niet (wel uit Frans, Duits en Engels, natuurlijk). Ik ben nieuwsgierig hoe ‘Algemeen Zuid-Nederlands’ ze zijn. Staan ze in de Verschueren? Ik ben niet thuis, zodat ik hem niet bij de hand heb.

      Like

      • Bea zegt:

        Ik heb de Verschueren hier ook niet liggen, maar vond deze uitleg voor u: http://www.encyclo.nl/zoek.php?woord=bompa
        Bompa en bomma zijn Zuid-Nederlandse woorden, gebruikt in België en ook Nederlands Limburg en Brabant. Kozijn en neef verschillen in betekenis in België. Verder hebben we ook suikernonkels, suikertantes, peetnonkels, peettantes, grootvaders en grootmoeders, en nog een hele resem andere kleurrijke woorden voor tal van familieleden. M.a.w. het Nederlands is zoveel rijker aan woorden als het niet tot het Noord Nederlands wordt beperkt. Hier helemaal onderaan op de link staat bij kozijn synoniem neef, maar een kozijn is geen neef: http://www.encyclo.nl/zoek.php?woord=kozijn

        Like

  10. Dick Witvliet zegt:

    In het Fries zijn er ook twee aanduidingen voor kleinkind: pakesizzer / beppesizzer

    Een zelfde onderscheid voor het kind van je broer of zus: omkesizzer / muoikesizzer.

    Like

    • ongast zegt:

      Klinkt leuk, beppesizzer. Ik snap het nut ervan alleen niet zo goed. ‘Kleinkind’ (iets met ‘lytse’ en ‘barn’, wellicht?), ‘kleinzoon’, ‘kleindochter’ zijn toch ondubbelzinnige woorden, i.t.t. ‘neef’ en ‘nicht’? Oftewel: wat voegen ‘beppesizzer’ en ‘pakesizzer’ toe?

      Like

  11. heidi zegt:

    oja, en natuurlijk onderscheid in grootouders in het deens: ‘farmor, farfar’ letterlijk: vaders moeder en vaders vader. Zo ook mormor en morfar (moedersmoeder en moedersvader)

    Like

  12. heidi zegt:

    in het deens: Moster, tante, moeders’ zuster volgens mij

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s