Tweeërlei prudentie

Dat zie je niet alle dagen: een nieuw woord op klassieke basis dat in Nederland of Vlaanderen bedacht wordt én ingang vindt. Ik heb het over moresprudentie, dat ik zojuist tegenkwam in kopij voor het blad Jeugd en Co, waarvan ik eindredacteur ben. Een definitie kan ik niet vinden, maar de betekenis is in de context min of meer duidelijk: zoals jurisprudentie staat voor de interpretatie van de wet zoals die blijkt uit eerdere rechterlijke uitspraken, zo staat moresprudentie voor de interpretatie van regels zoals die blijkt uit beslissingen van andere gezaghebbende stemmen, zoals tuchtraden.
Maar is het woord echt in onze streken gevormd? Het heeft er alle schijn van. De Nederlandse versie, eindigend op –tie, scoort meer dan vijfhonderd treffers. In de grotere Europese talen komt het woord nauwelijks voor.
Als het voorkomt, is het overigens vaak met een i in plaats van een e: morisprudence, morisprudencia. Dat is ook logischer. Het eerste deel van jurisprudentie, juris dus, is de tweede naamval van het Latijnse ius of jus ‘recht’. Maar wat is het eerste deel van het nieuwe woord? De bedenker had waarschijnlijk associaties met het eveneens Latijnse mores ‘gewoonten, zeden, mores’. Maar dat woord kent een enkelvoud mos, en dat heeft weer een tweede naamval moris. Dat enkelvoud betekent ‘gewoonte’ en ook ‘gewoonteregel’. ‘Morisprudentie’ verdient dus niet alleen de voorkeur omdat het nauwkeuriger naar Latijns voorbeeld is gevormd, maar bovendien dekt het de lading minstens even goed als de vorm met e, zo niet beter.

Hetgeen me als eindredacteur van Jeugd en Co voor een dilemma plaatst: welke van de twee varianten moet ik gebruiken? De ‘foute’ vorm met e scoort honderd keer zo veel treffers als de juiste met i: 580 om 6. Moet ik de meute volgen of eigenwijs zijn?
Ik besluit tot dat laatste. Het woord is nog niet zo wijdverbreid, dus de juiste spelling kán nog zegevieren. En mocht het woord ooit brede bekendheid verwerven, dan wil ik niet hebben bijgedragen aan het ontstaan van een spellinginstinker. Als jurisprudentie met een i is, dan morisprudentie ook graag.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Nederlandse taal en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

4 reacties op Tweeërlei prudentie

  1. Musonius zegt:

    Ik begrijp ineens waar de uitdrukking ‘mores leren’ vandaan komt. Nooit bij stilgestaan.

    Like

  2. Ha, een purist die zelfs zijn neologismes straight wil hebben! Het enige wat je misschien tegen morisprudentie in zou kunnen brengen,is dat jus voornamelijk (uitsluitend?) in het enkelvoud voorkomt singulare tantum, heet dat zo?), en mos/mores juist voornamelijk in het meervoud (zeker bij ons nu). Maar mores zou misschien dan toch ook in de 2e naamval moeten. Wat krijg je dan, morumprudentie? Maar niet he… (0 hits).

    Like

    • ongast zegt:

      Een purist ben ik weliswaar niet (ik had nu bijna jurist geschreven! – wat ik trouwens ook niet ben), maar het is zeker waar dat ik me hier met trivia bezig hou. En ik heb lekker jou ertoe verleid dat ook te doen!
      ‘Ius’ is overigens geen singulare tantum, want ‘iura’ wordt/werd volop gebruikt – het is zelfs het normale Duitse woord voor de rechtenstudie (Jura). Anderzijds is ‘mores’ ook echt geen plurale tantum – wel in het Nederlands, maar niet in het Latijn. Aan ‘morumprudentie’ heb ik ook even gedacht, maar mijn reactie daarop was dezelfde als de jouwe…

      Like

  3. Met dit stukje heb je in ieder geval morisprudentie geschreven. Maar of het woord echt deel gaat uitmaken van mijn reguliere vocabulaire waag ik te betwijfelen.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s