Je zult als Waal toch Nederlands moeten leren – een crime lijkt me dat. Hoe moet je je dat eigen maken als je mede-Belgen zo zelden de standaardtaal bezigen?
Daarmee wil ik niet suggereren dat Vlamingen exact hetzelfde Nederlands zouden moeten spreken als Nederlanders. Oostenrijkers spreken ander Duits dan Duitsers, Schotten en Engelsen praten verschillend, de taal van Québec is anders dan die van Frankrijk. Eigen uitspraak, eigen woorden en uitdrukkingen. Dat de Vlamingen hun eigen standaard eropna houden, is dus geen probleem of uitzondering.
Alleen, ik heb sterk het idee dat ze die standaard in de praktijk nauwelijks nastreven. Als ik spreek met Vlamingen, goed opgeleid en alleszins genegen om zich tegen mij, buitenlander, verstaanbaar uit te drukken, mengen ze toch nog steeds dialect door hun spreektaal. “Zie-de daar dien hogen toren?” – dat soort zinnetjes.
Ik versta het, ik vind het niet lelijk, ik vind het ook niet dom. Kortom: het stoort me niet. Maar als ik een Waal was, zou het me wel storen. Want wat moet ik nou leren?! Hoe moet ik me zelf uitdrukken, in mijn NT2? Ik zou als Waal geloof ik het liefst “Zie je daar die hoge toren” leren, want dat is in het hele taalgebied correct. Of desnoods “Ziet ge daar die hoge toren”, want dat is eveneens correct, hoewel onmiskenbaar zuidelijk. Maar vervolgens zou ik er niet van gediend zijn dat vrijwel elke landgenoot met wie ik spreek ‘zie-de’ en ‘’dien hogen’ zegt, of een andere variant (‘ziede ge’, ‘diën hoëgen’, ‘dien ’ogen’ enzovoort).
Of ben ik te streng? Tenslotte kent ook Nederland regionale uitspraakverschillen, die voor anderstaligen problemen opleveren. (Een Duitse die ik bijna dertig jaar geleden Nederlands leerde, had moeite om Nederlands te verstaan als daar niet mijn toenmalige Limburgse accent in doorklonk.) En ook in Frankrijk, Duitsland en Engeland zijn regionale tongvallen bepaald niet onbekend. Maar ten eerste heb ik het idee dat in die landen een veel groter deel van de bevolking met succes probeert de standaardtaal te benaderen. En ten tweede hebben we het in de Vlaamse voorbeeldzin niet eens zozeer over uitspraak als wel over grammatica. ‘Zie-de’ en ‘dien hogen toren’ zijn domweg fout, in welk Standaardnederlands dan ook.
Vandaar: arme Walen. Ik snap best dat de meesten van hen liever Engels leren.
****
Naschrift: Nadat ik het bovenstaande schreef, stuitte ik in het – zeer lezenswaardige – boek Dag Vlaanderen! van de Waalse journalist Christophe Deborsu op nog een andere klacht, namelijk dat veel Vlamingen hun Franstalige landgenoten nauwelijks de kans geven om het Nederlands te oefenen. Ze staan erop Frans te spreken – om die taal nog beter onder de knie te krijgen.

